Bouwen en wonen

Het beleid op het gebied van huisvesting is in Friesland (en dus ook in onze gemeente) vastgelopen. Daar zijn veel redenen voor: de lage rente, te weinig nieuwbouw in de crisis van zo'n tien jaar geleden, achteraf te voorzichtige prognoses van de bevolkingsgroei, de verhuurdersheffing die bij woningcorporaties een tekort aan investeringsruimte heeft veroorzaakt, de verkoop van huurwoningen.

Vraag en aanbod voldoen niet meer. Hier zijn verschillende redenen voor:

  • Beleggers en tweede huiseigenaren die met veel te duur en goedkoop geleend geld zorgen dat jongeren niet meer aan een woning kunnen komen.
  • De toename van het aantal vluchtelingen over de hele wereld, van wie sommigen ook een plek in onze gemeenschap moeten vinden.
  • Het aanbieden van werkgelegenheid aan tijdelijke uitzendkrachten in onze bedrijven.
  • Ouderen, die eigenlijk naar een kleinere woning willen verhuizen, maar geconfronteerd worden met hogere woonlasten. De 'woningmarkt' doet voor te veel mensen zijn werk niet.

De FNP wil dat de gemeente zelf meer regie krijgt over de woonruimte voor haar inwoners. Daarom komt de FNP met een aantal concrete maatregelen. Daarmee krijgt de gemeente de ruimte om te zorgen dat bepaalde doelgroepen gemakkelijker aan een woning kunnen komen.

Frysk Startersmodel

De FNP wil dat de overheid gaat werken aan een Fries startersmodel. Zo maakt de gemeente het voor starters gemakkelijker om een woning in de eigen buurt te kopen. In dit model neemt de gemeente de rol van huisvester terug die ze in het verleden is kwijtgeraakt.

Ook wil de FNP dat de gemeente een huisvestingsverordening opstelt. Hierdoor kan de gemeente zich richten op doelgroepen en op het gebruik van woningen. Dan kan worden gestuurd op het geven van prioriteit aan de eigen inwoners en die uit de regio.


Dit vindt de FNP belangrijk:

  • Onderzoeken of we een huisvestingsvergunning kunnen invoeren voor mensen die een economische en/of sociale binding hebben met de gemeente.
  • Inzetten op een aantal starterswoningen dat aansluit bij de vraag.
  • Levensloopbestendig bouwen.
  • Ruimte maken voor kleinere woningen (tiny houses).
  • Kijken of er mogelijkheden zijn voor een gemeentelijke woningcorporatie.
  • Mogelijkheden onderzoeken om leegstaande panden (winkels, kantoren, etc.) geschikt te maken voor woningbouw.
  • Zelfstandig onderzoek doen naar de woonbehoefte in de dorpen en daarop beleid maken.