Landbouw

In de toch wel stedelijke maatschappij die Nederland aan het worden is, gaat het contact tussen de burger en de productie van zijn voedsel zo goed als verdwijnen.

Zowel voor de maatschappij als voor de boerenbedrijven levert dat contact echter een meerwaarde op. Die meerwaarde kan er voor zorgen dat daardoor het platteland leefbaarder blijft. Als boerenbedrijven leeg komen te staan, dan is het van belang dat in die boerderijen andere bedrijvigheid mogelijk is - voor zover dit in het landschap past.

De FNP streeft naar een GMO-vrije gemeente (GMO staat voor Genetische Modificatie van Organismen), voor zover het de landbouw en ons voedsel betreft. Van het GMO-vrij zijn, gaat een signaal uit naar de hele maatschappij. Dat kan ertoe leiden dat het eventuele draagvlak voor gentech-producten afneemt.

Bio-industrie (of vee-industrie) past niet in het beeld dat de FNP heeft van het landschap van Smallingerland, net zomin als megabedrijven. De schaal van de bedrijven moet passen in het landschap.

Waar dat mogelijk is, zou de gemeente ook de boerenbedrijven moeten stimuleren om de biodiversiteit te vergroten.